Pagina's

zaterdag 19 april 2014

23. Wel een kopje koffie, niet mijn kopje thee

Met de baan als leerling-redacteur bij het universiteitsblad in de zak, liepen de andere plannen ondertussen nog steeds door. Zou ik nog gaan studeren, zo ja wat en hoeveel vakken. Wat zou er komen van het hoofdredacteurschap bij het studentenblad? Wat zou ik doen na dit zoek-jaar? Een master, geen master, welke master en wat moest ik doen om aan de ingangseisen te voldoen?

Aangezien de chef-redacteur Job van het studentenblad niet zo makkelijk te bereiken was, was ik erg blij dat ik na vier weken aandringen een koffie date met hem kon krijgen. Een kwartier na onze afgesproken tijd kwam hij binnen gestormd. Iets met zijn fiets, het weer en zijn huissleutel. Ach weet je, ik ben zelf ook altijd een kwartier te laat. Te laat komen getuigd volgens mij van een on-slaafsheid van de klok die benijdenswaardig is en dat is een fijne levensinstelling.
Omdat ik te laat komen dus als een soort van relaxt-heid zie, kreeg het koffiegesprek gelijk een luchtig karakter. Ik was bijna vergeten dat het in wezen een sollicitatiegesprek was. Solliciteren bij een mede-student heeft sowieso iets heel raars. Je kent diegene, je doet met enige regelmaat samen een biertje, met alle gevolgen van dien, en ineens zit je tegenover elkaar in een serieuze stemming met een vreemde hiërarchie en moet je professioneel en gelikt en doelmatig en efficiënt en wat al niet meer zijn. Hoe maak je die switch? En vooral, hoe geloofwaardig is het als je de ene avond een losbol bent en de volgende middag een verantwoordelijk type dat een hele redactie (of bestuur for that matter) kan dragen. Ik weet nooit hoe ik me in zo'n situatie een houding moet geven en ik benijd zij die dat wel kunnen.
Liever drink ik gezellig een kopje koffie met iemand en leren we elkaar echt kennen (in plaats van elkaars professionele masker). Gelukkig leek dat in dit gesprek met Job ruimschoots ruimte voor. We spraken over sociologie, we spraken natuurlijk uitgebreid over het studentenblad, wat we ermee voor ogen hadden in de toekomst, wat Anne en Job het afgelopen jaar hadden gedaan, hoe de taak verdeling tot nu toe was en hoe Job het in het vervolg wilde met Annes vervanger. Wat betreft dat laatste begreep ik niet helemaal wat hij precies wilde, maar de conclusie was dat we wel zouden zien hoe we de taken zouden verdelen als we eenmaal aan de slag konden. Overigens liet hij vallen dat ik een van de weinige kandidaten was die de taak serieus nam. Aan het eind van het gesprek rookten we nog samen een sigaretje en beloofde hij dat hij na overleg met Anne zou laten weten wie hij als kompaan zou kiezen. Ik was hoopvol gestemd.

Anne, mijn vriendinen hoofdredacteur, zou dus meedenken in de beslissing. In de periode die volgde, zeurde ik Anne de oren van het hoofd. Ze kon me helaas lange tijd niks zeggen, want zij en Job konden de tijd niet vinden om erover te spreken. Anne was druk met haar voorbereidingen voor haar half jaar in het buitenland en Job was niet altijd evengoed bereikbaar en/of nam niet veel initiatief. Annes vertrek datum naderde en het bleef angstaanjagend stil.
Langzaam begon bij mij de vraag op te borrelen of ik dit wel wilde. In het half jaar dat voor me lag zou het blad vier keer uit moeten komen en terwijl ik zo in de nek van Anne zat te hijgen zag ik ook: hoofdredactie is heel veel regelwerk is en relatief weinig van doen heeft met journalistiek. Daarnaast was er de samenwerking met de relaxte Job die noch klok, noch smartphone, noch internet gebonden leek te zijn. Wat zou ik hiervan leren? Journalistiek of de complexiteit van een professioneel samenwerking, lees: dingen regelen? Het zou ook leerzaam zijn om het 'dingen regelen' te leren, maar na vorig jaar hiermee geploeterd te hebben als voorzitter van de lustrum commissie, keek ik daar niet speciaal naar uit.

Toen was daar het besluit van Anne en Job. Ik kwam Anne 'toevallig' in de gang tegen toen ze net uit de vergadering met Job kwam. Ze kozen voor de andere kandidaat, Karel. Ik had te veel originele ideeën voor het blad en Job en Anne hadden al te veel beleid geschreven om deze ideeën dit jaar nog te kunnen implementeren. Bovendien had Karel in het sollicitatiegesprek meer ingezet op online promotie en had hij gesolliciteerd voor chef-redacteur, zodat Job hoofdredacteur zou kunnen worden. Wist ik veel. In het gesprek met Job had het naambordje 'hoofd' of 'chef' inwisselbaar geleken, maar misschien had Job de verleiding niet kunnen weerstaan?
Anne vertelde het gezoet met heel veel 'het was heel moeilijk' en 'als vriendin baal ik voor je, maar als hoofdredacteur denk ik dit dit het beste is voor het blad. Hoewel, het is voor jou ook niet leuk als je alleen maar ons beleid moet uitvoeren, probeer het gewoon nog een keer volgend jaar'. Job liet weken daarna niks van zich horen.
Het ironische was dat ik niet zoveel creatieve ideeën in het sollicitatiegesprek had genoemd (dacht ik). Het leek erop dat de beslissing was gebaseerd op Anne's inschatting van mij. Logisch ook. Ze weet nou eenmaal dat ik mijn eigen draai aan projecten wil geven. Het gesprek met Job was dus meer een formaliteit geweest. Wat nou overgang van mede-bierdrinkende-student naar verantwoordelijke-kandidaat.
Hoe dan ook, het was jammer dat ik niet twee grote projecten kon doen komend half jaar, maar anderzijds, misschien was dit ook maar beter. Nu kon ik me helemaal storten op het leerling-redacteurschap en hoefde ik me niet zorgen te maken over mailtjes naar redacteuren die deadlines vergeten en ik hoefde me ook geen zorgen te maken over de moeite die het kost om af te spreken Job. Tegelijkertijd kon ik voor het studentenblad blijven schrijven en van dichtbij afkijken hoe Karel en Job al dat regelwerk zouden aanpakken. 


Geen opmerkingen:

Een reactie posten