Pagina's

woensdag 30 april 2014

24. Gulzigheid die uitmondt in planningsobesitas

Na die enge mastervoorlichting innovember had ik 'denken over masters' een tijdje voor me uitgeschoven. Nu was het bijna februari, het tweede semester zou beginnen. Het half jaar onverplicht studeren en zoeken naar mijn carrière weg stond voor de deur. Bepaalde aspecten van de master kon ik niet langer aan de kant laten liggen. Zou ik in september willen beginnen met die aantrekkelijke research master, of welke andere Engelstalige master dan ook, dan moest ik eerst een Engelse test doen. Wilde ik die Engelse test halen, dan moest er nog het een en ander aan mijn Engels geschaafd worden... Wat er ook zou gebeuren, ik moest het vak 'Academic English' volgen en halen.
Tijdens de inschrijving realiseerde ik mij dat ik alle vakken kon volgen die ik maar wilde. Onzinnige fun vakken of belachelijk onhaalbaar moeilijke vakken, verdiepen in sociologie of de breedte in for absolutely no particular reason. Ik klink misschien als een mega nerd, maar de kans om mezelf vol te proppen met kennis kon ik niet laten liggen. Voor ik het wist had ik me opgegeven voor vier vakken die bij elkaar optelden tot meer dan full-time studeren. Maar als ik ze toch niet hoefde te halen, of in ieder geval niet met geweldige cijfers, zou ik het dan niet gewoon kunnen wingen?

Eenmaal de smaak te pakken trok ik mijn (geliefde) stoute schoenen aan en mailde ik de hoogleraar die mijn liefdevoor sociologie afgelopen half jaar weer had aangewakkerd. Als iemand goed advies kon geven over een master was hij het.
Hij mailde niet alleen terug, hij nodigde me uit in zijn met boekenkasten behangen kamer voor een kop koffie. Ik legde mijn vraag naakt op tafel: “De onderzoeksmaster lijkt me geweldig, maar ik weet niet of ik het wel kan. Welke master raadt u me dan aan?”
Ware meesters tonen je de spiegel, ze beantwoorden je vraag met een andere vraag. “De vraag is,” zei hij, “of je begrijpt dat onderzoek doen betekent dat je veel tijd besteed aan gepriegel, geneuzel en gepuzzel. Je zoomt helemaal in op een bepaald onderwerp. Daar wordt je wereld vrij klein van en de kans bestaat dat je het grote plaatje niet meer ziet. Dat grote plaatje, dat kan jij wel zien. Je bent zeker slim genoeg voor de research master. Maar zou je er nog plezier in hebben als je weken of zelfs maanden zit te priegelen op een vierkante centimeter?”
Grom. Hij had me haarfijn door. Maar het was een ijzersterke vraag.

En wat betreft kwalitatief(interviews of observaties) versus kwantitatief (statistisch) onderzoek? Ik hou van beide kanten. Ik hou ervan om mensen laten spreken en te ontdekken hoe zij de wereld duiden, maar net zo goed vind ik het interessant om patronen te zoeken door grote groepen mensen te meten en in modellen te stoppen.
Volgens hem was het verstandiger om een kwantitatieve master te doen. Die in Utrecht was net zo goed als die in Amsterdam, zeker als het gaat om statistiek. Bovendien hadden ze in Utrecht meer sociologen die gespecialiseerd waren in 'familie en levensloop-sociologie’, de kant van de sociologie waar mijn hart sneller van gaat kloppen. Hij stelde dat je statistisch onderzoek nergens beter kunt leren dan in je studententijd, terwijl interviewen, dat is meer iets dat je moet liggen en dat zat bij mij volgens hem wel goed. Het verschil was dat Utrecht een meer homogene opleiding had en Amsterdam een meer heterogene opleiding, zowel qua inhoud als qua mensen.

Deze man was wijs, een bekende in het vak en hij kende me beter dan ik had verwacht. Zijn advies vond ik erg belangrijk. Maar aan de andere kant kon ik kwalitatief onderzoek niet zomaar uit mijn hoofd zetten. Ik vroeg me ook sterk af: zou ik net zoveel kunnen genieten van een statistische master als van een kwalitatieve master? Zou mijn liefde voor de mensen niet opdrogen als ik de hele dag met cijfers bezig was?
Hoe dan ook, ik hoefde een onderzoeksmaster nog niet af te schrijven en derhalve moest ik Academisch Engels sowieso volgen en halen. Dan had ik nog een half jaar om na te denken over de richting (en de stad!) van deze master. Komend half jaar zou ik gaat werken bij het universiteitsblad, schrijven voor het studentenblad, meer dan fulltime gaan studeren, knutselen, oppassen en radio maken. Hmm, ineens was dat vrije wilde half jaar meer dan vol. En had ik tegen de hoogleraar ook nog eens mijn mond niet kunnen houden en gevraagd of hij misschien een leuke stage wist? Pijnlijke bezuinigingen lagen voor me omdat mijn half jaar vrijheid zich had volgevroten met de verlokkingen van studie en nevenactiviteiten.


Geen opmerkingen:

Een reactie posten